De supermarkt die internationaal onderwijs heet

Over de zoektocht naar goed onderwijs

Het aanbod aan internationale scholen wereldwijd is immens en groeit nog exponentieel. Sommige regio’s bieden meer opties dan andere, maar in de meeste gevallen is er voor ieder wat wils. En meer. Op dit moment maakt Azië en in het bijzonder China de grootste groei mee.

Bent u (expat)ouder van schoolgaande kinderen en bent u al eens de uitdaging aangegaan om een geschikte internationale school te vinden, dan weet u wat voor klus dat is.

Deze bijdrage dient als waarschuwing, maar geeft u ook advies.

(Spoiler alert)

De moraal van het verhaal is uw gezond verstand en kritisch oog te gebruiken.

Als praktijkdeskundige in het International Baccalaureate (IB) in scholen in Afrika en Azië en nu onderzoeker en lector in het domein van het internationaal onderwijs aan de Education University Hong Kong kan ik met stelligheid zeggen dat met de jaren mijn scepticisme, maar ook mijn hoop is gegroeid.

Het is bijzonder moeilijk om een definitie te geven van wat een internationale school nu precies is. De enige vorm van consensus is dat een internationale school in de meeste gevallen een “vreemd” curriculum aanbiedt, verschillend van het lokale (nationale) curriculum. Meestal wordt onderwezen in een taal die niet de voertaal in de regio is, met Engels als grote koploper.

Er zijn een aantal duidelijke recente trends in het internationale onderwijs. Allereerst zijn er steeds meer lokale scholen die een internationaal curriculum naast het lokale curriculum aanbieden. Bijvoorbeeld: een school in China die naast het Chinese staatscurriculum (dat wordt onderwezen in het Chinees) een aparte internationale afdeling heeft waar een of meerdere internationale curricula worden onderwezen. Een IB programma naast het Amerikaanse (AP) en het Britse curriculum (“Cambridge” of International General Certificate of Secondary Education – IGCSE). Uiteraard zijn er ook nog de vaak zeer gevestigde Franse, Duitse, Japanse… scholen die hun respectievelijke curricula in hun landstaal overzee aanbieden.

Het Cambridge curriculum is jarenlang een van de meest populaire internationale curricula geweest, maar heeft nu sterke concurrentie van het IB, vooral in Azië.

Een tweede opvallende trend wereldwijd is de groei van “lokale” families die internationale scholen verkiezen boven lokale alternatieven. Welgestelde lokale families hebben de financiële middelen om de duurdere schoolpremies te betalen en zien een internationale schoolcarrière voor hun zoon of dochter als een opstap naar een beter taalvermogen in het Engels, maar vooral, een verhoogde kans om in vermaarde universiteiten (vooral in het VK en Amerika) een felbegeerd zitje te bemachtigen. Het vroegere expatpubliek pur sang is met andere woorden plaats aan het ruimen.

Internationale scholen zijn vaak privé-organisaties en in sommige gevallen winstmakende for profit instituten. De duurste internationale (for profit) scholen bevinden zich in het Midden-Oosten en steden zoals Singapore, Shanghai en Hong Kong. Franchises zoals Nord Anglia, Stamford American of Malvern hebben branches overal ter wereld. Het zijn de Starbucks van het internationale onderwijs, om het zeer cru te stellen.

En daar precies begint het schoentje te wringen. De vermarkting van het internationale onderwijs leidt in sommige (vaker dan niet) gevallen tot wat door kritische onderzoekers McDonaldization van het onderwijs wordt genoemd. Grote “merken” zoals het IB en Cambridge (en de daaraan verbonden scholen) doen aan stevige marketing en proberen op allerlei manier “klanten” te winnen. De taal is neo-liberalistisch en de pedagogische aanpak is een aaneenschakeling van buzzwords zoals problem-based learning, performance-enhancing and effective teaching and learning, experiential learning, the 4 C’s, GRIT, competency-based learning en dies meer. Vakleraars hebben line managers aan het hoofd van hun departement en evaluaties zijn gebaseerd op Key Performance Indicators, ofte KPI’s.

U als ouder die het beste voor zijn/haar kind wil, wordt platgeslagen met termen en labels. Het lijkt op een bezoek aan de supermarkt waarbij u op zoek gaat naar natuuryoghurt en een koelbank vindt met 32 verschillende soorten. Verwarring en keuzestress doen hun intrede, en daarmee gepaard gaande de vaak vruchteloze zoektocht naar kwaliteit.

Het betekent echter niet omdat een school het IB of Cambridge label draagt, een zogenaamde reputatie heeft (die meestal is gekoppeld aan de academische resultaten van hun eindejaarstudenten) en hoge schoolpremies heeft, dat het een “goede” school is. Trap niet in die val.

Wat is “goed” onderwijs dan precies? Dit is waar uw gezond verstand een belangrijke rol speelt. Wat wil u voor uw kind? Hoge cijfers? Persoonsontwikkeling? Een divers curriculum? Kennis of vaardigheden? Een gezonde mentale balans? Aandacht voor fysieke ontwikkeling? En is het oké voor scholen om for profit, winstmakend, te zijn?  Het loont de moeite om die vragen te stellen en de antwoorden niet te gaan zoeken in dure woorden, labels en tactische marketing.

Maar het is niet allemaal kommer en kwel. Gelukkig zijn er scholen die, hoewel ze deel uitmaken van een supranationaal systeem zoals Cambridge of het IB, toch het lef hebben om voor zichzelf te denken en in hun curriculum en aanpak accenten leggen die verder gaan dan academische prestaties, buzzwords en trends. Hoe kan u weten of dit het geval is? Door een kritisch onderzoek uit te voeren naar de missie en visie van de school, door op zoek te gaan naar families die kinderen hebben of gehad hebben in de school, door een schoolbezoek te plegen en niet alleen te communiceren via mail of Skype. Praat met het schoolhoofd en de leraars. Gebruik uw gezond verstand en laat u niet misleiden door dure woorden en de daarmee vaak gepaard gaande dure schoolpremies.

Deskundigen zoals de Belgische klinisch psycholoog en hoogleraar aan de Universiteit Gent Paul Verhaeghe of Nederlandse internationaal gerenommeerde professor in onderwijskunde en onderwijsfilosofie Gert Biesta zijn zeer kritisch en illustreren een alternatief voor hedendaagse bedenkelijke trends in het (internationale) onderwijs.

Dat het u mag inspireren en aan het twijfelen brengen!

Wil u wat steun in uw twijfel, laat het weten op velkemaria@eduhk.hk

pic ISM
Nederlands – Belgische gemeenschap in een internationale school in Tanzania

Deze tekst werd geschreven in opdracht van Vlamingen in de Wereld en zal verschijnen in de volgende editie van hun magazine.

Advertisements

“Niets liever, liever niets” – De Reis

Op 1 mei 2018 werd het ei gelegd. Mijn fictiedebuut, het resultaat een aantal jaar denken, schrijven, leven en reizen in verschillende continenten. Hoewel Engels mijn modus operandi is geworden, blijf ik mijn moedertaal in het hart dragen. Nederlands lijkt een bijzonder token te zijn geworden, een unieke eigenschap die ik deel met 24 miljoen andere mensen wereldwijd.  Het sprak dus voor zich dat dit fictiedebuut in het Nederlands werd geschreven. Daarnaast was dit boek een mooie gelegenheid om Japanse kalligrafie op de kaart te zetten. De omslagillustratie en het binnenwerk zijn dan ook eigen kalligrafisch ontwerp.

Met dit boek heb ik een filosofisch verhaal neergeschreven, het verhaal van een zoektocht die begint in België en die de lezer meeneemt langs verschillende plekken en kennis laat maken met een reeks bijzondere mensen, niet in het minst het hoofdpersonage.

“Ze kwam uit Ethiopië. Ze was opgegroeid ergens tussen Addis Abeba en Adama. Ze wist het niet precies. Ethiopië was de bakermat van de mensheid, zei men. Pas vele jaren later begreep ze hoe moeilijk het was om een bakermat te zijn.

Twintig jaar geleden had een ander verhaal haar naar een nieuw land gebracht, met een nieuw paspoort, een nieuwe moeder en vader. Met een verweerd koffertje in de rechterhand en veel bagage in haar hoofd.”

Het boek kan online worden besteld via Uitgeverij BoekscoutStandaard Boekhandel of op bestelling bij de betere boekhandel.

cover.jpg

Deze tekst is geschreven in opdracht van Vlamingen in de Wereld en verschijnt in de zomer-editie 2018 van hun magazine.

Des mensen

Ik verhuis. Alweer. Ik raakte een tijd geleden de tel kwijt, want ik heb intussen een reeks intercontinentale en interculturele verhuizingen achter de rug. Ditmaal gaat het van Oost-Afrika naar Hong Kong.

Daardoor past mijn leven in ongeveer zes grote dozen, voeg daar nog een fiets aan toe.

Een bijkomend voordeel is dat je je steeds minder hecht aan plekken of spullen, hoewel dat heel soms ontspoort  wegens hechting aan een enkele kat of een enkel mens. Maar ook daar valt mee om te gaan.

Achteraf bekeken was mijn verhuis naar Oost-Afrika waarschijnlijk een van de grootste uitdagingen tot op heden, hoewel alles ook maar zo moeilijk is als je het zelf wil maken. Men zegt wel eens dat Afrika iets doet met een mens. Dat klopt. Wat dat ‘iets’ dan precies is, daar valt moeilijk de vinger op te leggen: de mensen, de dieren, de geuren en kleuren, het ritme, de natuur? Het geheel is groter dan de som van de delen.

Wonen in Oost-Afrika heeft me een andere kijk op de samenleving gegeven en op wat wij – wie die ‘wij’ dan ook moge zijn, als juiste normen en waarden beschouwen. Dat alles is zeer context- en cultuurgebonden.

Dankzij die verhuizingen en veelvuldig reizen heb ik een eclectische groep van mensen ontmoet:

Vietnamese bootsmannen en hun verhalen over de problemen in de Mekong-delta,

Tanzaniaanse kinderen die kilometers moeten wandelen op weg naar school een lift geven en die onderweg zingen op de achterbank van je auto,

Een jacht met pijl en boog in gezelschap van Hazabe jagers en uitgelegd krijgen hoe je best een baviaan neerhaalt,

Een boer in Zimbabwe met een mooi levensverhaal dat begon in Engeland,

De getuigenis van een bewoner van een van de grootste townships in Zuid-Afrika en hoe apartheid springlevend is,

De biecht van een Chinese vastgoed-tycoon die het materialisme beu is,

Duikers, kitesurfers, rijstboeren, biologen, metaalbewerkers, triatleten, Zwitsers, Egyptenaren, Kenianen, Indiërs, Birmezen, Nepalezen.

Om er een aantal te noemen.

Ik ben geen ‘mensenvriend’ of toch veel minder dan vroeger. Werken in het onderwijs betekent dat ik dag in dag uit door mensen ben omringd. In mijn vrije tijd trek ik mij dan ook graag terug in stilte, weg van menselijke aanwezigheid.

Tegelijkertijd zijn deze ontmoetingen verrijkend en plaatsen ze je eigen realiteit in een ander daglicht. En af en toe zitten er parels tussen, tussen al die mensen, parels waarvoor je bij het zoveelste afscheid al eens een traan wegpinkt.

De zestiende-eeuwse Franse filosoof Michel de Montaigne zei dat hij graag wilde dat de dood hem zou verrassen terwijl hij in zijn tuin kool plantte, dat hij zich niet druk om hem zou maken en nog minder om de tuin die niet afgewerkt zou zijn. De mens is nu eenmaal onvolmaakt en zal er nooit in slagen zijn werk ‘af’ te hebben.

In navolging van de Montaigne zou ik er genoegen in scheppen door de dood te worden bezocht tijdens een gesprek met een jager, uitkijkend over jungle of stappend door de savanne, genietend van stedelijke cultuur, luisterend naar een imam, rabbijn, mooie muziek of de stilte van een Afrikaanse nacht. Maar liefst niet meteen. Er zijn eerst nog wat parels te ontdekken.

2017-06-16 08.16.07

 

Deze tekst is geschreven in opdracht van Vlamingen in de Wereld en verschijnt in de honderdste jubileumeditie van hun magazine. 

Where clouds are made

This is the place where clouds are made.

It happens in the vast jungle, where the world has become quiet and birds whistle the newly formed clouds into shape, where only the gaze of monkeys see the endless shades of green.

I used to live close, then I moved to a place where clouds are not only made, but also travel from one place to another.

Clouds travel, pouring down inspiration, but never truly creating.

Cloud making only happens where the air is heavy with endless possibilities and new beginnings, where smells and shades of light are for no eyes in particular.

Where nothing matters and no one is watching.

Virtuous it is to reside in those places. Virtuous are they who look up to the sky and are touched by bundles of nothingness gaining shape, whose eyes follow the flowing path of traveling clouds.

Virtuous are they who are fearless in their understanding.

20170724_060644

To crash gloriously (or how to become really open-minded)

Recently I learned kitesurfing. Although I had several occasions over the last few years, I never took any of them. There are a few reasons for this: I don’t like to crash, I am a difficult student and suspicious towards teachers, the latter because I am one myself, I guess.

I was told that there is no better place to learn kitesurfing than Egypt. So I flew from the East-African bush, my current home, to the blue-ness of the Red Sea.

The first step in learning how to kitesurf is to learn to handle the material: the kite, the harness, the kite lines, the board. It is an art not to lose any of this in the sea, not to cause any life threatening wounds to anyone and to keep everything in the right place. Once that hurdle has been taken, you learn to body drag: dragging yourself in the water, pulled by your kite, a rather pleasant feeling.

Next is the water start, a phase that, upon successful completion, will lead to grandiose euphoria. You are euphoric because you are finally standing straight on the board, but few seconds later you have no clue about what you are expected to do next. This results in helplessness, countless crashes in true Laurel & Hardy style, to the amusement of those who are watching.

Meanwhile, from a distance, the instructor is waving his arms and with slight despair is trying to keep you on track, while you are losing your wits and let your buttocks sink into the water, in full frustration.

Eventually, I learned kitesurfing quite easily, yet with bruised knees and a blue shin. I remember the moment I was kitesurfing independently, looking around me, the silhouette of the mountains in the far back, the different shades of blue beneath me and the instructor who, from a distance, gave me a thumbs up. Right then, I felt intensely satisfied and proud, as a child that just learnt to ride a bike. I realized that this was due to the fact that I had really been open-minded.

The kitesurf-instructor was an ex-history teacher, someone who carefully chose his words and didn’t hide his appreciation for my countless crashes.

My most memorable history teacher once said: ‘History is the rearview mirror of mankind.’ I had always remembered that, but only recently truly understood what it meant. One should display open-mindedness in order to dare to look behind, not only in one’s own rearview mirror, but also in someone else’s, someone who has something valuable to share.

The kitesurf/history teacher who is patient to such an extent as to witness, time and time again, students crashing, shaking the sand out of their hair and ears and carrying on, that teacher inevitably has to believe in a better world (or become utterly desperate).

You do not necessarily become open-minded by living abroad, neither does it have anything to do with traveling extensively, studying at a prestigious university, reading Paulo Coelho or eating sushi. Open-mindedness truly means wanting to crash, wanting to listen to the ideas of someone else and add them to what you think you know.

I have lived in three different continents and travelled quite a bit, but I only truly became open-minded whilst learning to kitesurf, when I was willing to listen and to crash. Gloriously.

 

10
© Tornado Surf Center

This article was commissioned by Vlamingen in de Wereld and will also be published in Dutch in the June-edition of their magazine.