Een nieuwe plek voor zakjesman

Zakjesman is, al zo lang vele Gentenaars zich herinneren, een vaste waarde in het straatbeeld. Hij flaneert langs de Kortrijksepoortstraat en maakt af en toe de oversteek naar de Sint-Pietersnieuwstraat. Daar pendelt hij tussen de Vooruit en hogerop richting Jozef Plateaustraat. De straat is zijn (t)huis.

‘Flaneren’ is echter niet meer het juiste woord. Aanvankelijk leek het daarop, maar mettertijd is het ritme van zakjesman trag(isch)er geworden. Het werd een meer slepende pas, met aarzelingen en pauzes.

Samen met de baard en het haar werden de momenten van stilstand langer en het slepen ging over in een schuifelen, voet voor voet, de blik meer verdwaasd en minder gefocust.

Toch blijft zakjesman op onbekende wijze steeds opnieuw aan plastic zakjes komen: Aldi, Delhaize, Hema, … Winkelen doet hij er niet, dus die zakjes bereiken hem op een andere manier: vangt hij ze in de lucht, verdwaald vliegend ter hoogte van het voetpad? Is er een Gentenaar die het tot zijn dagtaak heeft gemaakt om zakjesman van zakjes te voorzien? Dat is onduidelijk.

Er is overigens sprake van een evolutie in de zakjes. Vroeger leek hij genoegen te nemen met een aantal grotere modellen die hij uitgebalanceerd in linker- en rechterhand hield. Maar de laatste jaren verkleint het model en vergroot het aantal. Zakjesman draagt steeds meer en steeds kleiner wordende zakjes, wat het schuifelen vermoedelijk ook bemoeilijkt.

Af en toe komt bij voorbijgangers beslist de drang naar boven om hem te verlossen van zijn kleinoden en in ruil te voorzien van een stevige, waterdichte trolley. Trolleyman klinkt echter minder sympathiek. En bovendien zou zakjesman zijn identiteit verliezen, zo zonder zakjes.

Nochtans kan ik me niet van de indruk ontdoen dat hij zichzelf– ook met zakjes – , als tijd door de vernauwing van een zandloper, ziet wegglijden.

De verdwazing, verwarring en leegte in zijn blik worden steeds verontrustender. Volgens de legende begon het – in een vorig leven – bij het tragisch overlijden van zijn zoon. Op dat moment werd ‘zakjesman’ (en met hem de verdwazing) geboren.

Hij begon te flaneren, aanvankelijk doelgericht. De voetpaden en verkeerslichten van de stad hielden hem letterlijk op het juiste pad. De stad, het verkeer, het gegons van voorbijgangers omarmden hem.

Maar langzamerhand werd de stad hem te veel, de omarming werkte verstikkend en zakjesman begon naast het voetpad te schuifelen, aarzelde halverwege het oversteken, staarde verdwaasd naar zijn kapotte schoenpunten om ten slotte rechtsomkeert te maken. Meer en meer hield zakjesman halt in het midden van de straat, in het oog van de storm.

De gehele aardkloot, met alles erop en eraan is hem te veel, té véél.

Zakjesman ziet geen opties meer, geen zijroutes waarlangs hij kan ontsnappen.

Een herfstige, heldere valavond in de Blaarmeersen – de groene long van Gent – zou hem daarentegen op verhaal kunnen brengen. De rode gloed die van de bladeren weerspiegelt in het water, zonder rimpeling.

De achtergebleven eenden die zich in groepjes richting slaapplaats begeven, onderweg stoppen voor een laatste snater of duik. Net na schemerdonker valt ook het gesnater weg en blijft de stilte over, samen met het diepbruine zwart van het water. Er is geen te veel.

Op een bankje, zakjes neerlatend, zou zakjesman gaan zitten, de ogen sluiten en luisteren naar het grote niks. De bladzijde omslaan.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s