Overvloed

Ongeveer zeven weken geleden stond ik verstijfd in de supermarkt, mijn handen geklemd rond het handvat van de winkelkar, mijn ogen half dichtgeknepen wegens het felle licht en het gigantische aanbod aan yoghurt in het koelvak. Ik wilde eenvoudigweg witte yoghurt. Plain white yoghurt. Dit bleek een hele klus, want een kleine telling bracht me bij maar liefst 13 (!) verschillende variëteiten.

Minder dan 24 uur voordien was ik vanuit Tanzania, met een omweg via Kenia, in Hong Kong uit het vliegtuig gestapt, met zo goed als mijn hele hebben en houden. Ik had nog restanten van crackers die ik had gekocht in Mombasa, maar daarop kon ik geen volle dag meer teren. Dus, recht de supermarkt in.

Terwijl ik daar, als aan de grond genageld, worstelde met het yoghurt-dilemma, kwam ik tot het volle besef dat ik de Afrikaanse savanne had ingeruild voor de stad, de overvloed, de efficiëntie van openbaar vervoer, een leven zonder stroompannes, volle rekken in de supermarkt, gadgets, een werkende administratie en andere first world handigheden. Ik werd er zowaar even vroegtijdig melancholisch van.

Mijn tijd in Tanzania was memorabel en, om met een cliché te spreken, een ervaring die mijn kijk op dingen, mensen en maatschappij heeft scherper gesteld. Maar een jobaanbod heeft me nu naar Hong Kong gebracht.

Voor het eerst in jaren heb ik meubels gekocht, een koelkast, een wasmachine. Intussen ben ik ook in het bezit van een Hong Kong Identity Card. Het ziet er dus naar uit dat ik hier me hier ga settelen. Zeg nooit nooit, zegt de nomade in mij, maar ik ben er klaar voor. Klaar om een beetje wortel te schieten, om, zoals het een zichzelf respecterende klusjesman betaamt, te timmeren aan een academische carrière.

Echter, een stuk Oost-Afrika blijft altijd dichtbij: ik koos voor een huis in het midden van het groen, geprangd tussen bergen en zee, ver weg van het stadsgedruis met vogelgekwetter als achtergrondmuziek, met vele schakeringen van groen op de beboste heuvels. Ik heb nog steeds de gewoonte om de batterij van mijn laptop en telefoon voldoende op te laden, in geval van een stroompanne en in de supermarkt voel ik mij lichtjes ongemakkelijk bij de overvloed. Ik koop al zeven weken dezelfde yoghurt, dezelfde kaas (kaas!) en word blij als een kind van het grote aanbod ontbijtgranen. Ergens hoop ik dat mijn houding mettertijd niet wijzigt.

Het spiksplinternieuwe boekenrek in mijn nieuwe woonkamer huist denkbeeldige geuren, herinneringen en reflecties van al mijn woonplekken, de leggers raken meer en meer gevuld met straatwijsheid. Ik kocht ook een cactus om datzelfde rek mee te decoreren. Planten die water nodig hebben zijn namelijk een uitdaging, die langdurige zorg, dat nodig zijn, die afhankelijkheid, ik vind dat niet makkelijk.

Maar een cactus, die zijn plan kan trekken en overleeft zonder onder de vleugels te moeten worden genomen, maar toch wortelt, daar kan ik me dan weer wel in vinden.

pic artikel
Sai Kung, Hong Kong

Deze tekst is geschreven in opdracht van Vlamingen in de Wereld en verschijnt in de lente-editie 2018 van hun magazine.

Advertisements